Terug

Risico secundaire blootstelling beperkt

Risico secundaire blootstelling beperkt

Een chemisch besmette patiënt vormt geen groot gevaar voor ziekenhuispersoneel. Normale hygiënische voorzorgsmaatregelen bieden voldoende bescherming bij gangbare besmettingen. Uitgebreidere (adem)bescherming is slechts zeer sporadisch nodig.

Uit meldingen aan het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum (NVIC) blijkt dat de bezorgdheid van hulpverleners in het ziekenhuis over het behandelen van een chemisch  besmette patiënt de laatste jaren toeneemt. Het is belangrijk dat men zich ervan bewust is dat het risico voor hulpverleners in het ziekenhuis beperkt is. Een overschatting van het risico in combinatie met angst voor secundaire blootstelling, kan leiden tot:

  • Vertraagde of niet optimale behandeling van een besmette patiënt.
  • Buitenproportionele maatregelen, zoals evacuatie van de afdeling spoedeisende hulp, met hierdoor verstoring van zorg aan andere patiënten en onnodige kosten.

Secundaire toxiciteit zeldzaam en eventuele symptomen mild

Het NVIC heeft in 2020 een uitgebreide analyse uitgevoerd van wetenschappelijke publicaties over secundaire blootstelling. De resultaten zijn gepubliceerd in het tijdschrift Clinical Toxicology. In de zeldzame gevallen dat secundaire toxiciteit optrad, waren de symptomen mild en reversibel van aard, ook als er zeer gevaarlijke stoffen bij betrokken waren. Het risico  van secundaire besmetting van de hulpverlener is nooit een reden om levensreddende zorg uit te stellen. Dit geldt ook als de bescherming nog niet direct optimaal is.

De meest gerapporteerde effecten bij hulpverleners waren irritatie van ogen en luchtwegen, misselijkheid, hoofdpijn en duizeligheid. Deze symptomen zijn erg aspecifiek en kunnen ook veroorzaakt worden door angst, of als reactie op een vieze geur. De enige gedocumenteerde blootstelling met serieuze toxische effecten betreft een onbeschermde huidblootstelling aan een bestrijdingsmiddel. Deze blootstelling kan makkelijk voorkomen worden door het dragen van handschoenen.

In die zeldzame gevallen waarbij secundaire toxiciteit optrad, was vaak sprake van speciale  omstandigheden waardoor een relatief hoge blootstelling kon plaatsvinden. Bijvoorbeeld door behandeling in een ruimte met slechte ventilatie, of het omhoog komen van maaginhoud door braken of maagspoelen.

Persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM)

Normale hygiënische voorzorgsmaatregelen en standaard persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) waaronder schort en handschoenen, maar zonder adembescherming, bieden voldoende bescherming bij gangbare chemische besmettingen van een enkele patiënt in de thuis- of werksituatie. Voorbeelden hiervan zijn het morsen of braken na inname van oplosmiddel bevattende producten (waaronder ook bestrijdingsmiddelen), het vrijkomen van giftige gassen uit de maag, of als kleding (en daarmee het grootste deel van een mogelijke besmetting) voor aankomst in het ziekenhuis al is verwijderd. Een medisch neusmondmasker en oogbescherming moeten worden overwogen bij uitgebreide besmetting met stofdeeltjes. (Spat)waterdichte kledingbescherming (bijv. plastic spatschort) en oogbescherming zijn aan te raden bij (gedeeltelijke) natte decontaminatie van een enkele patiënt.

Blootstelling kan worden verminderd door adequate ventilatie (de patiënt niet isoleren in een slecht geventileerde ruimte), voorzichtige verwijdering van kleding bij besmetting met vaste deeltjes en adequate afvoer van maaginhoud na braken of maagspoelen. Bij direct huidcontact met een gevaarlijke stof, wordt aangeraden de contactplaats direct te wassen met veel water en milde zeep.

Het gebruik van uitgebreidere persoonlijke beschermingsmiddelen met adembescherming (‘level C’) is alleen nodig in uitzonderlijke gevallen van besmetting met zeer giftige, vluchtige chemicaliën (bijvoorbeeld ‘zenuwgassen’). Het moet ook worden overwogen bij volledige decontaminatie van grotere groepen slachtoffers bij minder gevaarlijke besmettingen.

Meer informatie

Naast het review in Clinical Toxicology (vrij beschikbaar), is ook informatie aanwezig in het NVIC document “Decontaminatie van de huid en secundaire blootstelling van hulpverleners in het ziekenhuis”. Voor een acute situatie is de belangrijkste informatie samengevat in een Factsheet “Secundaire blootstelling van hulpverleners in het ziekenhuis”. Dit document is beschikbaar via www.vergiftigingen.info (onder ‘de lijst van behandelingen en protocollen’).

UMC Utrecht maakt gebruik van cookies

Deze website maakt gebruik van cookies Deze website toont video’s van o.a. YouTube. Dergelijke partijen plaatsen cookies (third party cookies). Als u deze cookies niet wilt kunt u dat hier aangeven. Wij plaatsen zelf ook cookies om onze site te verbeteren.

Lees meer over het cookiebeleid